-
Humanities and the arts
- Applied linguistics
Deze studie heeft tot doel te onderzoeken of de overtuigingen van studenten over de rollen en gewenste eigenschappen van taaldocenten veranderen gedurende hun lerarenopleiding. Omdat overtuigingen vaak impliciet zijn en zonder aanwijzingen moeilijk te verwoorden, zal de dataverzameling bestaan uit het oproepen van metaforen of analogieën, met behulp van prompts zoals: “Een goede taaldocent is (als) _______ Ik vind dit een passende vergelijking omdat _____.” Deze techniek is eerder gebruikt in verschillende studies op het gebied van onderwijs (zie Wan & Low, 2015, voor een overzicht) en heeft metaforen of analogieën gedocumenteerd waarin een docent wordt vergeleken met een gids, een dirigent, een tuinier, een kok, een ouder, een manager, een kapitein van een schip, een kunstenaar en meer. Elk van deze vergelijkingen weerspiegelt bepaalde overtuigingen over de rollen van docenten (en hun studenten). Dergelijke studies zijn gericht op het identificeren van de dominante metaforen voor een bepaald concept onder bepaalde groepen leerlingen en in het vergelijken van de metaforen van docenten en studenten om hun respectieve rollen te beschrijven (Alarcón et al., 2015; Cortazzi et al., 2009; De Guerrero & Villamil, 2000; Farrell, 2006; Jin & Cortazzi, 2011; Oxford et al., 1998; Wan et al., 2011; Zapata & Lacorte, 2007). Wat echter weinig aandacht heeft gekregen, is de vraag of deze methode verschuivingen kan aantonen in hoe studenten de rol van een taaldocent percipiëren doorheen hun lerarenopleiding.