Project

Het voorkomen van citrinine in de Belgische voedsel- en voederketen en het risico voor mens en dier

Looptijd
01-10-2016 → 30-09-2020
Financiering
Federale middelen: divers
Onderzoeksdisciplines
  • Medical and health sciences
    • Laboratory medicine
    • Laboratory medicine
    • Laboratory medicine
Trefwoorden
citrinine
 
Projectomschrijving

Het Europese voedselagentschap (EFSA) publiceerde in 2012 een wetenschappelijke opinie inzake citrinine (CIT) waarbij de nadruk gelegd werd op de nood aan bijkomende kwantitatieve incidentie- en toxiciteitsgegevens opdat een risicoanalyse m.b.t de aanwezigheid van CIT in voedsel/voeder zou kunnen uitgevoerd worden (EFSA 2012). Aan de hand van een gelntegreerde aanpak zullen de onderzoeksgroepen bijdragen tot het verwerven van informatie m.b.t het voorkomen van CIT in diervoeders en verschillende voedingsmiddelen beschikbaar op de Belgische markt waarbij de focus ligt op het ontdekken van alle relevante innamebronnen en hun relatief belang. De referentiematerialen (RM) voor CIT die reeds ontwikkeld werden voor het CEN-project, zullen ter beschikking gesteld worden aan de partners in CITRIRISK. Afhankelijk van de resultaten van het voorkomen van CIT in de verschillende matrices, zal CODA-CERVA bijkomende RM aanmaken. Daarnaast zal er onderzoek uitgevoerd worden naar de toxicokinetiek en orale biologische beschikbaarheid van CIT bij vleeskippen en varkens, en zal de carry-over naar eetbare weefsels (spierweefsel en nieren bij varkens en vleeskippen; eieren bij leghennen) onderzocht worden. Het varken dient daarbij tevens als toxicokinetisch model voor de mens, gezien de opmerkelijke gelijkenissen in anatomie en fysiologie van o.a. het maag-darmstelsel, lever en nier. Op heden is reeds een fase I metaboliet van CIT gekend, het dihydrocitrinone (DH-CIT), doch m.b.v. hoge resolutie massaspectrometrie (HRMS) zullen andere potentiele fase I en II metabolieten opgespoord word en teneinde de biotransformatie van CIT te ontrafelen. Dit zal het voorgestelde project in staat stellen de volgende objectieven te realiseren:

  1. Ontwikkelen en valideren van geschikte (U)HPLC-MS/MS methoden voor de bepaling van CIT in diervoeders, 10 verschillende voedingsmiddelengroepen als ook in verschillende eetbare weefsels van dierlijke oorsprong.
  2. Kwantitatieve data verzamelen over het voorkomen van CIT in 10 voedingsmiddelengroepen (totaal 400 stalen) en 100 diervoeders beschikbaar op de Belgische markt
  3. Het toxicokinetisch profiel opstellen van CIT in varkens en vleeskippen als ook de absolute oral~ biologische beschikbaarheid bepalen bij deze nutsdieren. Kennis van de orale biologische beschikbaarheid laat toe om de systemische blootstelling na te gaan, en is noodzakelijk om een goede risico-evaluatie uit voeren.
  4. De carry-over nagaan van CIT in diervoeders naar dierlijke producten bestemd voor menselijke consumptie.
  5. Toxiciteit en orgaanschade nagaan in varkens, vleeskippen en leghennen.
  6. Potentiele fase I en II metabolieten opsporen met HRMS.
  7. Risico-evaluatie uitvoeren voor Belgie.