-
Engineering and technology
- Destructive and non-destructive testing of materials
- Metals and alloy materials
Het project heeft tot doel een fundamenteel inzicht te verwerven in het effect van inhibitoren in hogedruk gasvormig waterstof op de schadelijke interactie tussen waterstof en staal. Deze kennis is essentieel voor de ontwikkeling van een duurzaam energiesysteem, dat afhankelijk is van het veilige transport en de opslag van waterstofhoudende gasmengsels in bestaande of nieuwe hogedrukstructuren. Gasverontreinigingen die worden toegevoegd aan gecomprimeerd waterstof kunnen een remmend effect hebben op de opname van waterstof in het materiaal en zo waterstofbrosheid beperken. Allereerst werd een reproduceerbare in-situ laadmethodologie voor gasvormig waterstof, met of zonder gasverontreinigingen, ontwikkeld en gevalideerd voor zowel bcc‑ (body centered cubic) als fcc‑ (face centered cubic) materialen. Vervolgens richtte het onderzoek zich op een systematische evaluatie van de rol van O₂ als inhibitor van waterstofopname in verschillende pijpleidingstalen met uiteenlopende chemische samenstellingen en microstructuren. De efficiëntie van de inhibitor werd geëvalueerd bij verschillende concentraties en blootstellingstijden via smelt‑extractie, waarmee de waterstofopnamecapaciteit wordt bepaald.
Ex-situ trekproeven op vooraf met gasvormig waterstof geladen monsters werden uitgevoerd om materialen kwalitatief te rangschikken naar hun gevoeligheid voor waterstofbrosheid en om de invloed van waterstof op het breukoppervlak te onderzoeken. Daarnaast werd een in-situ wedge opening load‑opstelling in een gasvormige waterstofomgeving ontwikkeld. Deze methode maakt het mogelijk om de effecten van inhibitoren op het waterstofbrosgedrag kwantitatief te beoordelen door de scheuruitbreiding te meten en de invloed van waterstof op de kritische spanningsintensiteitsfactor te bepalen.