Schisis is de medische term voor een aangeboren spleet in de lip, de kaak en/of het gehemelte. De afwijking is bij ieder kind anders, dus ook de behandeling kan van kind tot kind verschillen. Een schisisbehandeling is vaak een lang en complex traject.
Wat doen we via UGent-onderzoek?
In een geluidsdichte kamer in het Universitair Ziekenhuis in Gent speelt zich iets bijzonders af. Hier begint Project SMILE: een ambitieus, wetenschappelijk onderbouwd initiatief dat kinderen met een gespleten gehemelte wil helpen om duidelijker en zelfverzekerder te leren spreken. We ontwikkelen en testen een intensieve vorm van spraaktherapie – korter, krachtiger en doelgerichter dan de klassieke jarenlange aanpak. Door deze nieuwe methode systematisch te evalueren in een wetenschappelijke studie, willen we niet alleen spraak verbeteren, maar ook levenskwaliteit van kinderen. Want spreken is niet alleen een vaardigheid; het is ook zelfvertrouwen, sociale connectie, en toekomstkansen.
Met wie?
We staan hier niet alleen. Ons project is het resultaat van een warme samenwerking tussen de UGent en KU Leuven, waar onderzoekers en clinici samenkomen met logopedisten uit de praktijk. We werken nauw samen met de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten (VVL) om de vertaalslag naar het werkveld te maken en garanderen betrokkenheid vanuit de bredere logopedische gemeenschap. Ook SIG vzw, het expertisecentrum voor inclusie, speelt een cruciale rol in het toegankelijk maken van informatie voor ouders, leerkrachten en zorgverleners. Samen met de patiëntenvereniging VAGA vzw, en beleidsmakers, bouwen we aan een netwerk dat wetenschap, praktijk en inclusieve ondersteuning verbindt. Elk van hen draagt bij vanuit hun unieke ervaring en betrokkenheid. Samen slaan we de brug tussen wetenschap, praktijk en het leven van echte kinderen.
Wat leren en winnen zij?
Voor logopedisten is dit een unieke kans. Ze leren een nieuwe manier van werken kennen – intensiever, maar ook effectiever. Ze krijgen wetenschappelijke evidentie in handen die hen versterkt in hun praktijk. Voor ouders betekent dit hoop: een therapie die minder lang duurt, maar meer oplevert. Voor kinderen betekent het meer dan therapie – het betekent dat ze sneller verstaanbaar zijn op school, dat ze minder gefrustreerd raken, dat ze durven spreken zonder zich te schamen. En voor beleidsmakers opent dit de deur naar efficiëntere, kost-effectievere, en wetenschappelijk onderbouwde zorgmodellen.
Welk verschil maakt dit?
De impact is tastbaar. Kinderen die vroeger jarenlang in therapie zaten, hebben nu sneller vooruitgang. De sessies zijn intenser, maar korter in duur. Ouders ervaren minder belasting en meer betrokkenheid. Logopedisten voelen zich gesterkt in hun aanpak. En beleidsmakers krijgen voor het eerst harde data die pleiten voor een andere manier van terugbetalen en organiseren van zorg. De puzzelstukjes vallen in elkaar.
Wat doen ze anders?
Na Project SMILE stappen therapeuten met meer vertrouwen hun sessies in, gewapend met nieuwe methodes en materialen, zoals toegankelijke video's voor ouders en kinderen. Ouders voelen zich partners in plaats van toeschouwers. Leerkrachten herkennen sneller de noden van deze kinderen en reageren begripvoller. En in wetenschappelijke vergaderzalen wordt nu gesproken over intensieve therapie als standaard, in plaats van uitzondering.
Project SMILE is geen tijdelijke interventie. Het is een katalysator voor blijvende verandering – in de levens van kinderen, in de praktijk van therapeuten, en in het denken over toegankelijke en efficiënte zorg.
-
Medical and health sciences
- Speech and language therapy