Begeleiding van individuele scholen, scholengroepen, stuur-, denk- en werkgroepen en gemeentelijke diensten bij het groeiproces naar een brede school.
Een Brede School is een samenwerkingsverband tussen verschillende sectoren die samen werken aan een brede leer- en leefomgeving in de vrije tijd én op school, met als doel maximale ontwikkelingskansen voor alle kinderen en jongeren.
Een kwalitatieve bredeschoolwerking heeft oog voor diversiteit, verbindingen en participatie. De concrete werking hangt af van de lokale context.
LOKALE CONTEXT
De lokale context is bepalend voor hoe de Brede School vorm krijgt. Daarom is geen enkele Brede School dezelfde, de plaatselijke noden, de mogelijkheden van de buurt, de partners, … vormen het vertrekpunt. Ook aspecten zoals tradities in de buurt, de openbare ruimte, beschikbare infrastructuur, de gezinnen die er wonen, … bepalen mee de prioriteiten en de planning van een bredeschoolwerking.
TOETSSTENEN: Het referentiekader bevat ook drie toetsstenen voor kwaliteit. Ze helpen zicht te krijgen op de kwaliteit van de Brede School.
Diversiteit: Diversiteit gaat over hoe divers de populatie kinderen of jongeren is die bereikt wordt. Maar ook over of er gewerkt wordt aan de verschillende kernaspecten van brede ontwikkeling, de diversiteit in het activiteitenaanbod, het samenwerkingsverband, …
Verbindingen: Met verbindingen bedoelen we de samenhang tussen verschillende doelen die nagestreefd worden, de verschillende activiteiten, de link tussen het binnenschools en buitenschools leren, …
Participatie: Het betrekken van kinderen en jongeren bij beslissingen over bredeschoolactiviteiten is cruciaal. Het is daarom belangrijk om na te denken hoe kinderen en jongeren betrokken kunnen worden, welke rol ze kunnen spelen in het aanbod en tijdens activiteiten … Ook andere partners moeten kunnen participeren: ouders, leerkrachten, jeugdwerkers, …
Focus: Maatschappelijke valorisatieHet begeleiden van vormingsessies en begeleidingstrajecten voor scholen die hun evaluatiebeleid willen onder de loep nemen en aanpassen. Dit vanuit de ambitie om meer leerlingen meer en beter te laten leren.
Breed evalueren daagt ons uit op diverse vlakken. Het brengt ons terug naar twee kernvragen:
waartoe dient ons onderwijs, en wat zijn de functies van evaluatie binnen onderwijs?
Daarna volgt de zoektocht naar hoe je breed evalueren concreet maakt: op een rijke, gevarieerde
en kwaliteitsvolle manier het leerproces en de leerprestaties van leerlingen in kaart
brengen, liefst samen met de leerling en andere betrokkenen. Hoe meten we daarbij wat
heel moeilijk te meten valt? Hoe gaan we op een faire manier om met de verschillen tussen
leerlingen en met de norm die leerlingen moeten halen? Tot slot rijst ook de vraag welke
plaats de klassieke toets als evaluatievorm inneemt binnen breed evalueren.
In het dagelijks leven gebruikt iedereen verscheidene talen of taalvariëteiten. We gebruiken die zelfs door elkaar, meer dan we soms beseffen. Elk kind en iedere ouder beschikken over dit talige repertoire en gebruiken die zowel binnen als buiten de schoolmuren. We hebben het dan niet enkel over tweetalige leerlingen of zij die thuis in andere talen spreken. Het kan ook gaan om een dialect, een streektaal, een tussentaal, straattaal, jongerentaal, sms-taal, … Het positief benutten van deze talige rijkdom stimuleert een open houding bij leerkrachten, leerlingen en ouders ten aanzien van talige diversiteit.
We begeleiden scholen in hun groeiproces om het talige kapitaal dat in de klas en school aanwezig is nog beter te benutten in functie van het leren.
Focus: Maatschappelijke valorisatie“DISCO – Diversiteitsscreening onderwijs” is een meet- en reflectie-instrument ontwikkeld door het Steunpunt Diversiteit & Leren (SDL) van de Universiteit Gent en heeft als doel de attitude en het gevoel van bekwaamheid van (toekomstige) leerkrachten in kaart te brengen inzake omgaan met diversiteit in het onderwijs.
Waarom DISCO?
Het onderwijs in Vlaanderen wordt steeds diverser en (toekomstige) leerkrachten zijn vaak zoekende naar hoe ze deze diversiteit optimaal kunnen inzetten in hun klaspraktijk. DISCO wil dan ook een beeld geven van hoe (toekomstige) leerkrachten staan tegenover de verschillende aspecten van diversiteit in het onderwijs en hoe bekwaam ze zich voelen om met deze diversiteit om te gaan.
Let op, DISCO meet of evalueert dus NIET hoe goed (toekomstige) leerkrachten zijn in het omgaan met diversiteit. Door studenten en leerkrachten hun attitude en gevoel van bekwaamheid in kaart te brengen krijgen we wel inzicht in twee belangrijke factoren die bepalend zijn voor het kwalitatief omgaan met diversiteit in onderwijs.
Ik sta in voor de verwerking van de DISCO-rapporten met de schoolteams en de begeleiding van de eventuele vervolgstappen die inhoudelijk aansluiten bij ons aanbod.
Focus: Maatschappelijke valorisatie